Omgevingsdienst Noord-Veluwe

Onderzoek gezamenlijke aanpak Asbestdaken

1 augustus 2018
Onderzoek gezamenlijke aanpak Asbestdaken

In aanloop naar het verbod op Asbestdaken per 1 januari 2024 hebben de bestuurlijke opdrachtgevers ODNV gevraagd om een plan van aanpak op te stellen. Om het plan goed te laten aansluiten op de wensen van de gemeenten is op 4 juli jl. met de bestuurlijke en ambtelijke opdrachtgevers een bijeenkomst georganiseerd om de ambities en verwachtingen te bespreken.

Vanaf 2024 zijn asbestdaken in Nederland naar verwachting verboden. Reden is dat met het verstrijken van de tijd elk asbestdak verweerd. Een verweerd asbestdak levert een (dreigend) gevaar op voor de leefomgeving. Zodra het verbod van kracht is betekent dit dat eigenaren van gebouwen met asbesthoudende dakbedekking deze voor 2024 moeten verwijderen. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen particulieren, bedrijven of overheid, noch de toestand van het dak. Het vooraf stimuleren van eigenaren om hun asbestdak te verwijderen, voorkomt een aanzienlijke hoeveelheid werk voor de controlerende instanties wanneer op het verbod moet worden gehandhaafd. Dit staat los van de vraag of er voldoende personeel beschikbaar is voor handhaving van het verbod vanaf 2024.

In totaal waren 7 gemeenten van de Noord-Veluwe vertegenwoordigd door 7 portefeuillehouders en 5 ambtelijke opdrachtgevers. Onder leiding van Walter Klerks (Programma-manager ODNV) zijn de aanwezigen in eerste instantie centraal bijgepraat over het verbod, de situatie op de Noord-Veluwe en de kansen voor verwijdering van de asbestdaken. In het tweede deel van de bijeenkomst zijn de aanwezigen in gesprek gegaan om aandachtspunten, wensen en uitdagingen waar de gemeenten voor staan, te bespreken.

In de bijeenkomst is gebleken dat er een grote bereidheid is tot samenwerking en kennisdeling tussen de Noord-Veluwse gemeenten en de vele partijen die op dit gebied actief zijn. Met de opbrengst wordt door ODNV een richting uitgewerkt waarin alle behoeften, samenwerking met externe partijen en gebruik van bestaande kennis zijn opgenomen. Het voorstel wordt dit najaar besproken, waarna het plan van aanpak kan worden opgesteld.